TRAM · BUS · SPOORWEG
Drie situaties.
Drie reflexen.
Een spoorvoertuig, een autobus die vertrekt en een overweg behandel je niet als een gewoon kruispunt.
Regels gecontroleerd op 29 oktober 2026.
VeiligheidsreflexSnijd nooit de baan van een spoorvoertuig af en rijd nooit een overweg op als je hem niet onmiddellijk kunt vrijmaken.
Hoe reageer je op een tram?
Bestuurders moeten voorrang geven aan spoorvoertuigen. Kijk eerst naar een bevoegde persoon, verkeerslichten en toepasselijke verkeerstekens. Controleer vóór je de sporen kruist beide richtingen en of je de baan volledig kunt vrijmaken.
Wanneer laat je een autobus vertrekken?
Binnen de bebouwde kom moet elke bestuurder vertragen en zo nodig stoppen om een autobus of trolleybus zijn halte te laten verlaten wanneer die bestuurder zijn voornemen heeft aangegeven. De bus is daarom niet in elke situatie een prioritair voertuig.
Wanneer moet je stoppen aan een overweg?
- Wanneer rode knipperlichten of het geluidssignaal werken.
- Wanneer slagbomen bewegen, gesloten zijn of beginnen te sluiten.
- Wanneer een bevoegd persoon stoppen beveelt.
- Wanneer een trein nadert of je de sporen niet volledig kunt vrijmaken.
Regelgevende bron: Belgische Wegcode — artikelen 12, 20 en 39 ↗