Oefenen

BELGISCHE WEGCODE · ARTIKEL 36

Artikel 36 · Valhelm - beschermende kleding

Artikel 36 van de Belgische wegcode: Valhelm - beschermende kleding. Bekijk de gecoördineerde tekst, het thema en de officiële bronnen.

Gecoördineerde tekst op 2026-10-14Version française

Tekst van het artikel

De bestuurders en passagiers van drie- en vierwielers met motor, uitgezonderd landbouwvoertuigen met een door de constructie bepaalde maximumsnelheid van ten hoogste 40 km per uur die niet zijn uitgerust met een stuur als op een motorfiets, van gemotoriseerde voortbewegingstoestellen met een door constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 20 km per uur en van bromfietsen, zonder passagiersruimte, moeten een valhelm dragen. De bestuurders en passagiers van speed pedelecs en van gemotoriseerde voortbewegingstoestellen met een door constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 20 km per uur hebben de keuze tussen een bromfietshelm of een fietshelm. De bestuurders en passagiers van motorfietsen moeten een valhelm dragen, behalve wanneer zij, conform de bepalingen van artikel 35. 1.

1, zesde lid, de veiligheidsgordel dragen of vervoerd worden in een kinderbeveiligingssysteem en op voorwaarde dat het voertuig een passagiersruimte heeft; wanneer de vrijstellingen van het verplicht gebruik van de veiligheidsgordel en het kinderbeveiligingssysteem, voorzien in artikel 35. 2. 1, 2°, 3° en 4°, van toepassing zijn, moet de valhelm worden gedragen; deze bepalingen zijn van toepassing op de driewielers met motor zonder passagiersruimte, waarvan de ledige massa gelijk is aan of hoger dan 400 kg. De valhelm, gedragen door bestuurders en passagiers die in België wonen, moet, voor de maten van de helmen waarvoor de homologatie is vereist, een homologatieteken dragen waaruit de gelijkvormigheid met de door Ons vastgestelde normen blijkt.

De fietshelm, gedragen door bestuurders en passagiers van speed pedelecs en van gemotoriseerde voortbewegingstoestellen met een door constructie bepaalde maximumsnelheid van meer dan 20 km per uur, moet bescherming bieden aan de slapen en het achterhoofd. Bestuurders en passagiers van motorfietsen dragen handschoenen, een jas met lange mouwen en een lange broek of een overall, alsook laarzen of bottines die de enkels beschermen. Het eerste en het derde lid zijn niet van toepassing op personen met een verminderde mobiliteit die gemotoriseerde voortbewegingstoestellen gebruiken die uitsluitend voor hen zijn bestemd.

Dit artikel goed gebruikenLees de tekst in zijn context, bekijk de naburige artikels en gebruik de zoekfunctie om een begrip terug te vinden. De quizzen helpen je oefenen, maar vervangen de officiële regelgeving niet.

BELGISCHE WEGCODE

Zoeken in de volledige wegcode

Zoeken in de volledige wegcode →Mijn kennis testen →